Ingebruikname van je huurwoning
Het is zover: je hebt de sleutel ontvangen! Nu kan je van je huis een echt thuis creëren. Hierbij een paar puntjes waar je op moet letten tijdens het inrichten.
Tevens is het noodzakelijk om een glasverzekering af te sluiten. Als er ruitschade door jouw toedoen is ontstaan, ben jij verantwoordelijk voor herstel.
Laat je hierbij deskundig adviseren door je verzekeringsadviseur of een tussenpersoon.
De opstalverzekering van het hele gebouw verloopt via de gebouweigena(a)r(en).
Energieleverancier
Bij het ontvangen van je sleutels is het belangrijk dat je je direct aanmeldt bij een energieleverancier voor de levering van elektriciteit. Hiervoor heb je je meternummer en de beginstanden van de meter nodig.
Watervoorziening
Meld je aan bij Dunea voor de watervoorziening in je woning.
Verwarming
Meld je aan bij Eteck voor de verwarming in je woning.
Rookmelders
Bij oplevering zijn de rookmelders in je woning voorzien van een plastic hoesje om ze te beschermen tegen stof. Laat deze zitten als je aan het klussen bent in de woning zodat je niet het risico loopt dat er stof in kan komen. Na het klussen is het verstandig om dit hoesje in de meterkast te leggen. Mocht je al in je huis wonen, dan hoort de afschermhoes na het klussen verwijderd te zijn, zodat de rookmelder functioneel is.
Bouwvocht en droogstoken
Elke nieuwbouwwoning zit vol met bouwvocht, gemiddeld zo'n 4000 liter. Dit is heel normaal. Het vocht komt van 'natte' bouwmaterialen, zoals beton, cement, stucwerk, spuitwerk en lijm van het tegelwerk. Ook regen die tijdens de bouw is gevallen maakt de bouwmaterialen nat en zorgt zo voor extra vocht. Het kan wel een jaar voordat al dit overtollige vocht uit het huis is verdwenen. Vooral de eerste zes maanden is het belangrijk om hier extra op te letten.
Vocht verwijderen door stoken en ventileren
Het bouwvocht verdwijnt door in het eerste half jaar alle kamers te verwarmen en goed te ventileren. Zet de verwarming in het begin niet te hoog; ongeveer 20 ºC is genoeg. Als het te snel uitdroogt, kan er namelijk krimp ontstaan, wat schade kan veroorzaken. Ventileer goed door regelmatig alle ramen een tijdje open te zetten en zet de mechanische afzuiging regelmatig op de hoogste stand.
Naden en krimpscheuren
Naden en krimpscheuren zijn onvermijdelijk door drogingskrimp en/of klimaatschommelingen in de woning. Ook normale (toelaatbare) vormveranderingen spelen hierbij een rol, zoals het enigszins doorbuigen of bewegen (de toelaatbare doorbuiging) van de vloer door het eigen gewicht, de bouwkundige belasting (wanden) en de belasting door woongebruik. Hierdoor kan ook de geplaatste scheidingswand meebuigen of iets zakken.
Door de spanning in de vloer en de plaatsing van de wanden kunnen er naden of scheuren ontstaan op de plekken waar de wand aansluit op andere wanden en op het plafond. Ontsierende naden bij het plafond kun je eenvoudig wegwerken met plafondplinten. Eventuele kleine scheurtjes in het spuitwerk kun je zelf bijwerken met speciale kitten, deze zijn verkrijgbaar bij de bouwmarkt.
Gezondheid
Ook voor je gezondheid is het belangrijk om het huis zo snel mogelijk droog te krijgen. Door te veel vocht in huis kan uiteindelijk ongezonde schimmelgroei ontstaan. Vocht is bovendien een goede voedingsbodem voor huisstofmijt. Carapatiënten zijn hier allergisch voor.
Let op met meubilair
Kasten en meubels kun je het eerste half jaar beter niet tegen de muren zetten, maar ongeveer vijf centimeter ervan af. De lucht achter de meubels moet kunnen circuleren om het vocht uit de muur af te voeren.
Voor de wasmachine is een wandcontactdoos aangebracht die is aangesloten op een aparte groep. Indien je de wasmachine aansluit op een andere wandcontactdoos, bestaat de kans dat de desbetreffende groep overbelast wordt en daardoor uitschakelt.
Wij adviseren om de wateraansluiting van je wasmachine te voorzien van een waterslot. De mogelijke waterschade bij een eventuele slangbreuk of andere vorm van calamiteit wordt hierdoor beperkt.
Condens droger
Voor het aansluiten van een condens droger is een wandcontactdoos geplaatst die is aangesloten op een aparte groep. Als je de condens droger op een andere wandcontactdoos aansluit, bestaat de kans dat je de betreffende groep overbelast en daardoor uitschakelt. De afvoer van de condens droger kun je met behulp van een spruitstuk in de afvoerbuis van de wasmachine plaatsen. Zorg er bij het gebruik van de droger voor dat de deur niet volledig gesloten is, om voldoende ventilatie te garanderen.
Belangrijk: het is niet mogelijk en toegestaan om de afvoerslang van een afvoerwasdroger aan te sluiten op het kanaal van de mechanische ventilatie.
Verlichting
Sluit je lampen altijd met een zogenoemd kroonsteentje aan op het aansluitpunt in het plafond. Denk hierbij ook aan de aansluiting van de aardedraad.
Televisie/internet/telefonie/CAI/glasvezel
Voor het aanleggen van telefoon, internet en/of televisie zijn er in je woning voldoende aansluitpunten/loze leidingen. Je moet zelf een abonnement voor deze communicatiemiddelen met de gewenste leverancier afsluiten.
Houd er rekening mee dat je je niet bij elke provider kan aanmelden. Alle nutsbedrijven voor dit complex vind je onder 1.3 We adviseren je om van tevoren contact op te nemen met de door jou gekozen provider voor verdere informatie. Je hebt geen toestemming om de bekabeling in huis aan te passen.
De niet-dragende binnenwanden bestaan uit metal stud wanden, HSB en beton. Let erop dat hier alleen lichte voorwerpen aan kan bevestigen. Je kan daarvoor speciale pluggen en schroeven gebruiken. Als je huurcontract afloopt, is het belangrijk dat de boorgaten dicht zijn en dat je de muur behangklaar achterlaat. Je kan hiervoor gebruik maken van speciale muurvullers.
Wanden, vloeren en plafonds
In wanden, vloeren en plafonds kunnen leidingen zitten. Vooral rond schakelaars, wandcontactdozen en plafondlichtpunten zijn elektraleidingen aanwezig. In de wanden kunnen zich ook water- en verwarmingsleidingen bevinden. Het gebouw, de woningen en de bergingen zijn voorzien van sprinklerkoppen. Het is niet toegestaan om te boren in het plafond.
Dit is niet altijd het geval. Controleer voordat je gaat boren, spijkeren of schroeven wat richtlijnen zijn in jouw huurovereenkomst. Mochten de richtlijnen het toelaten, controleer dan of er op de gekozen plek geen leidingen in de muur zitten. Dit kan je doen met behulp van bijvoorbeeld een detectieapparaat. Deze kan je halen bij doe-het-zelfzaken. Boor niet te diep in het betonplafond vanwege de aanwezigheid van elektra en waterleidingen, waterafvoeren en luchtkanalen.
Belangrijk:
- In de afwerkvloer zitten onder andere vloerverwarmingsleidingen. Het is daarom niet toegestaan om te boren, spijkeren, hakken en/of te schroeven in de vloer.
- Het is niet toegestaan om in de buitengevel te boren.
- Het is niet toegestaan in de kozijnen, ramen of deuren te boren en/of te schroeven. Hiermee kan je de constructie aantasten en het kan zorgen voor onherstelbare schade. Het is ook niet toegestaan om de kozijnen, ramen en deuren te schilderen.
Betegelde wanden en vloeren
Boren in tegels is niet toegestaan vanwege het risico op lekkage. Wil je iets ophangen aan de betegelde wanden? Gebruik dan plakstrips of zuignappen als alternatief.
Plafond in de fietsenberging
In de fietsenberging is een isolatie plafond aangebracht (genaamd: houtwolcementplaten met PIR hardschuim isolatieplaat) voor de thermische schil voor de bovenliggende appartementen. Om de thermische garantie te behouden is het niet toegestaan om te boren en aanpassingen aan dit systeemplafond te doen. Ook niet om spullen en/of materialen hieraan op te hangen.
Afwerking onderzijde balkons
Het is niet toegestaan om de afwerking te schilderen of hierin te boren.
In het begin kan je woning wat kleine scheurtjes en verkleuringen laten zien door het verdwijnen van bouwvocht. Dit zie je vaak in de wand- en plafondafwerking. Ook kunnen er krimpscheurtjes ontstaan op plekken waar twee materialen samenkomen, zoals tussen de wand en het plafond, of bij een kozijn. Maak je geen zorgen, deze scheurtjes zijn niet schadelijk voor de constructie en je kunt ze eenvoudig dichten met acrylaatkit.
Bij het intrekken in je nieuwe woning zijn de wanden klaar om te behangen. Voor het mooiste resultaat is het slim om eerst kleine oneffenheden weg te werken en de wanden glad te strijken. Als je ooit besluit te verhuizen, moet je ervoor zorgen dat de wanden weer netjes wit zijn.
Belangrijk: Omdat je woning goed geïsoleerd is, is het extra belangrijk om goed te ventileren, vooral nadat je hebt geverfd of behangen. Dit geldt vooral in de eerste maanden. Zet de thermostaat niet te hoog en zorg ervoor dat de temperatuur in de avond niet te veel daalt.
Plafondafwerking
De plafonds in je woning zijn afgewerkt met spack spuitpleister, wat zorgt voor een mooie, witte afwerking die ook goed hecht en vocht reguleert. Net als bij de wanden kunnen er krimpscheurtjes ontstaan, vooral bij de aansluiting tussen de wand en het plafond. Om dit te beperken, kun je de hoeken bij het aanbrengen van nieuwe verf of pleisterwerk insnijden. Als je het plafond gaat sausen, kun je scheurtjes eenvoudig dichten met witte acrylaatkit. Ook lichte schade, bijvoorbeeld door stoten, herstel je gemakkelijk op deze manier.
Bij het beëindigen van je huur is het belangrijk dat zowel de wanden als plafonds weer in een neutrale witte kleur worden opgeleverd.
Als je na het douchen de muren en douchewand even droogmaakt met een trekker of een doek, haal je ongeveer 1 liter vocht weg. Dit voorkomt dat al dat vocht als damp in je woning blijft hangen. Een kleine moeite met een groot effect!
Zorg ervoor dat je huis altijd een aangename temperatuur heeft, vooral als het wat vochtig is. Overdag is het slim om de thermostaat rond de 20 °C te houden. 's Nachts kun je de temperatuur iets laten zakken, maar zorg ervoor dat het niet kouder wordt dan 18 °C. Zo warmt je kamer ’s ochtends sneller op en blijft je woning comfortabel. Vermijd dat je huis te koud wordt, dat is beter voor zowel het huis als voor jezelf.
In een vochtige woning geen wasgoed binnen drogen, want dit wasemt veel vocht uit.
Lucht je woonkamer en slaapkamer regelmatig door de ramen 15 tot 30 minuten open te zetten. Veeg condens direct weg met een doek om vochtproblemen te voorkomen.
Zorg ervoor dat je de ventilatiekanalen niet afsluit en controleer af en toe voor verstoppingen. Maak de ventielen en roosters regelmatig schoon en wijzig de afstellingen van de ventielen niet, want ze zijn al goed ingesteld. Zet tijdens het koken een raam open om de lucht te ventileren.
Berging en fietsenstalling
Je kunt jouw fiets stallen in de openbare fietsenkelder onder KJ Den Haag. Op de
eerste verdieping zijn twee gemeenschappelijke fietsenstallingen gesitueerd voor de bewoners van de sociale huurwoningen.
Let op: buiten het complex geldt betaald parkeren. Meer informatie over betaald parkeren en bijbehorende tarieven? Bezoek dan de website van Gemeente Den Haag.
Niet-dragende binnenwanden
De niet-dragende binnenwanden zijn gemaakt van metal stud wanden.
Binnenkozijnen en deuren
De badkamerdeur vereist extra aandacht. Zorg dat deze zoveel mogelijk vochtvrij blijft. Hier zijn een paar tips:
- Er is mechanische ventilatie via een WTW-unit.
- Zorg voor minimaal 15 mm ruimte tussen de deur en de vloer voor ventilatie.
- Houd ramen en deuren gesloten en ventilatieroosters open tijdens het douchen. Dit in combinatie met de ventilatie op stand 3 zorgt voor een goede luchtcirculatie.
In je woning is zonwerende, geïsoleerde beglazing. met U-waarde 1,37 W/m²K van Glassolutions Saint-Gobain geplaatst.
Condensvorming
Vocht en condens tussen de glasplaten in dien je te melden bij de vastgoedmanager. Condens op de ramen binnenin de woning ontstaat vaak door te hoge luchtvochtigheid. Ventileren helpt om dit te voorkomen. Aan de buitenkant kan condens ontstaan door lage temperaturen. Dit verdwijnt zodra overdag de temperatuur oploopt.
Kleurbeleving glas
Door de coating op de beglazing kan er een klein kleurverschil zijn ten opzichte van normaal glas of tussen verschillende fabrikanten. Houd hier rekening mee bij vervanging van een ruit. Ook de kitvoegen van het glas moeten goed onderhouden worden.
Thermische breuk ontstaat door ongelijkmatige opwarming van het glas, wat kan leiden tot spanningen en uiteindelijk breuk. Dit valt niet onder garantie, maar je kunt het risico verkleinen door:
- Zorg voor luchtcirculatie: Houd minstens 100 mm ruimte tussen het glas en je zonwering, vooral als de zon er direct op schijnt. Dit helpt om de temperatuur gelijkmatig te verdelen.
- Geen extra lagen op je ramen: Plak geen folie, papier, verf of plakplastic aan de binnenkant van je ramen. Dit kan de warmteverdeling verstoren en schade veroorzaken.
- Let op reflecterende voorwerpen: Zet geen reflecterende dingen, zoals aluminium jaloezieën, direct achter het glas. Deze kunnen de warmte weerkaatsen, vooral als ze half omhoog staan, wat de ruit te heet kan maken.






